Bij renovaties bepaalt de beschikbare hoogte bijna altijd het type isolatie. Door dit correct op te meten voordat u een offerte aanvraagt, voorkomt u dat u op de werf tot de ontdekking komt dat u drie centimeter tekortkomt.
Het afgewerkte niveau kiest u niet zomaar. Het wordt bepaald door elementen die niet veranderen: buitendeurdorpels, traptreden, de vloer van aangrenzende kamers die niet worden vernieuwd en de vrije hoogte onder binnendeuren. Het meest beperkende van deze referentiepunten bepaalt het niveau.
Een oude betonplaat is zelden perfect vlak. Meet de afstand tussen de plaat en het afgewerkte niveau op verschillende punten, kamer per kamer, en houd de kleinste waarde aan: deze beperkt namelijk de dikte die overal geplaatst kan worden. Noteer ook de hoogte van leidingen en afvoeren die op de plaat liggen.
Trek van het totaal eerst de vloerbekleding en de lijmlaag af, en vervolgens de minimale dikte van de geplande chape, zoals beschreven in ons artikel over de dikte van een chape volgens type en ondergrond. Wat overblijft, is de ruimte voor de isolatie.
Met deze hoogte kan de thermische weerstand worden afgeleid uit de lambdawaarde van elk isolatiemateriaal. Wanneer de ruimte beperkt is, maakt een isolatiemateriaal met een lage lambdawaarde, zoals gespoten PUR, het verschil, zoals uitgelegd in ons artikel over de isolerende chape.